Skip to main content

Open brief
Debat over dienstencheques, nuancering steeds meer zoek

Het stelsel van dienstencheques is alweer voorwerp van oplopende controverses, dit keer over de verhoging van klantenbijdrage die doorgevoerd wordt door heel wat dienstencheque ondernemingen.

Voor ons als Vlaams Platform staat sociale finaliteit centraal. Klanten en Vlaamse Regering mogen samen rekenen op een maximale return voor elke eurocent die in deze gefinancierd of betaald wordt.

Voor ons mag dat gaan over:

  • Een kwalitatief en breed toegankelijk dienstenaanbod
  • Een gedegen statuut voor de huishoudhulpen, werkbaar werk en duurzame loopbaanperspectieven
  • Een stelsel dat trouw blijft aan het DNA van buurtdiensten en buurtbanen, gericht op een maximale maatschappelijke impact

Wij roepen in deze wel op tot nuance in het debat waar het gaat over de relevantie van een klantenbijdrage. Sociale ondernemingen zetten alle beschikbare middelen in:

  • op een toegankelijk en kwalitatief aanbod
  • op een goede match tussen klant en huishoudhulp
  • op gedegen loon- en arbeidsvoorwaarden voor huishoudhulpen en een goede begeleiding van deze medewerkers

Dit blijft maar mogelijk mits deze ondernemingen kunnen rekenen op een weloverwogen overheidsfinanciering in combinatie met de prijs van een dienstencheque en een correcte klantenbijdrage in relatie tot wat hier tegenover staat.

Ja, voor ons als Vlaams Platform DCO mag een maatschappelijk debat gevoerd worden over de sociale finaliteit van het dienstencheques stelsel, en een overheidsfinanciering die hierbij aansluit, inbegrepen een correcte bijdrage van de klanten, met aandacht ook voor toegankelijkheid tegenover klanten die het moeilijk hebben. Verwijzingen naar absurde prijsstijgingen om het hele stelsel in vraag te stellen dragen eerder bij tot polarisatie dan dat zij bijdragen tot een gericht en genuanceerd debat.

Het is wel de Vlaamse Regering die jarenlang heeft nagelaten de prijs per dienstencheque te indexeren, waardoor de beleidsruimte voor sociaal ondernemen zwaar onder druk is komen te staan. In 2025 werd dan beslist om de prijs met 1 euro te verhogen en tegelijk de fiscale aftrek af te bouwen. Tegenover die verhoging van de prijs met 1 euro werden sociale partners uitgedaagd om de impact van deze prijsverhoging vol te gebruiken om de koopkracht van de huishoudhulpen te versterken.

Als Vlaams Platform hebben wij van bij de start van dit sociale overleg deze prioriteit vol onderschreven. De huishoudhulpen verdienen waardering en aandacht, in concrete gaat dat over koopkracht maar ook over werkbaar werk. De nood aan klantenbijdrage staat in relatie tot het huidige financiering stelsel, tot de prijs per dienstencheque enerzijds en daar tegenover de kostprijs om een kwalitatieve dienstverlening te blijven garanderen en dit met aandacht en respect voor het statuut van de huishoudhulpen. 

Wij gaan ervan uit dat elke sociale onderneming met de grootste zorg kijkt naar het bepalen van een klantenbijdrage, rekening houdende met de verwachtingen van klanten en overheid. Ondernemen met sociale finaliteit wil ook zeggen dat er geen winsten uitgekeerd worden aan aandeelhouders. Tegenover kosten die aangerekend worden, maar evengoed tegenover de financiering vanuit gemeenschapsmiddelen mag een verantwoording staan. Wij zijn als sociale ondernemingen graag bereid om hieraan mee te werken.

Wij betreuren het gebrek aan nuance in het debat en de vele persberichten hierover en reiken graag de hand aan pers en media om meer nuance en duiding te brengen. Sociale ondernemingen verdienen dat, de huishoudhulpen verdienen dat en het dienstencheque stelsel heeft hier nood aan.

De noodzakelijke klantenbijdrage – met oog voor toegankelijkheid – is een gevolg van de financieringskloof, niet de oorzaak van het probleem. De klantenbijdrage is gewoon nodig om poetshulpen te kunnen omkaderen.

De financiering van de dienstencheque is aan een structurele herijking toe. Wij waren al mee voorstander van de koopkrachtverhoging van de poetshulpen. De volgende logische stap is conditionering van de overheidstussenkomst aan de ondernemingen. Werkbaar werk en instroom van groepen die maatschappelijk benadeeld zijn, zijn daarvoor de criteria. 

Herkent u zich in dit debat? Als onderneming kan u zich aansluiten bij het platform om hierin samen de krachten te bundelen.